Kiezen katten het baasje?

Als je aan een kat denkt, dan denk je niet aan het feestelijk sociale universum dat een hond heeft. De hond vindt het geweldig om lid te zijn van een groep en te luisteren naar de instructies van de roedelleider. Oude onderzoeken naar dierengedrag omschrijven de kat als een solitaire jager die de aanwezigheid van andere katten in zijn territorium enkel tolereert. Echter zijn deze zekerheden langzaam aan het afzwakken dankzij de resultaten uit een recentelijk onderzoek van Maria Grazia Calore, dierenarts en expert in dierengedrag.

 

De kat: van solitaire katachtige tot relationeel huisdier

 

Net als de hond in zijn lange proces van domesticatie, heeft ook de kat zich aangepast om samen te leven met de mens en heeft het gedrag langzaam veranderd. De laatste onderzoeken, welke niet langer op “zwerfkatten” werden uitgevoerd maar op kitten kolonies en “huiskatten”, laten een belangrijke innovatie zien: De kat is niet een sociaal dier maar is relationeel omdat het emotionele banden vastlegt met soortgenoten en andere diersoorten (waaronder de mens).

De kat kent in het leven vrijwel geen eenzaamheid zolang er maar voldoende stimulans wordt geboden zoals in een natuurlijke omgeving. Daarom is het leven met een mens een juiste optie zolang de condities van dit samenleven voordelig zijn voor de kat. Hierin moet wel uitzondering gemaakt worden voor bepaalde rassen – Perzische kitten en naakte kitten uit Mexico – deze kunnen niet overleven zonder een mens.

 

Hoe kiest een kat zijn “baasje”?

 

Een kat kan overleven door zich te voeden met kleine prooidieren en is gebonden aan een territorium dat het deelt met andere kitten zolang er voldoende hulpbronnen zijn (voedsel en plekken om zich terug te trekken). Voor voedsel heft een kat de voorkeur zich te wenden tot de mens, die op zijn beurt de kat gebruikt om ongedierte af te weren. Naast deze wederzijdse samenwerking benadert een kat een persoon om een vriendschap te creëren op basis van gelijke uitwisseling. Het kiezen van een metgezel, als het nu mens of kat is, wordt bepaald door dezelfde factoren: gedrag, houdingen en geuren.

Als voorbeeld, een hoge stem, schreeuwen en snelle bewegingen richting de kat kunnen als bedreigend worden gezien. Daarentegen zorgen een kalme stem, relaxte bewegingen en half gesloten ogen voor een omgekeerd effect, om zo vertrouwen en vriendschap met het beestje te garanderen.

Katten kunnen door zicht en geur de buien van mensen vernemen: in het geval van nervositeit kunnen ze afstand creëren van ons, als er dan contact geforceerd wordt kan de kat een “agressieve” houding aannemen door te gaan blazen. Als we echter verdrietig zijn, dan kan de kat (net als een goede vriend) nabijheid zoeken en zelfs proberen aandacht te trekken door geinige trucjes uit te halen. Daarom kan een kat in een familiegroep verschillende houdingen aannemen tegenover verschillende leden van de groep. Hij zal nooit zijn voorkeuren verborgen houden, ook niet als er een nieuw dier in de familie wordt verwelkomd, Hij zou er zelfs voor kunnen “kiezen” om door een ander gezin geadopteerd te worden.

De vriendschap tussen kat en mens is net als die tussen mensen gebaseerd op aannames: als deze niet voldoet aan de wensen kan de band slijten en breken. Om dit tegen te houden moeten we beginnen met het loslaten van de antropocentrische visie in mens-huisdier relaties: onze kat is geen ondergeschikte maar een vriend!