Het baasje als roedelleider

De kat is duidelijk onafhankelijk, daarentegen is de hond vanuit zijn natuur een sociaal dier. Voor een hond is het samenzijn in een familie zelfs uiterst gunstig voor zijn lichamelijke en geestelijke welzijn en neemt het risico van gedragsproblemen weg. Maar net als in een wolvenroedel heeft mens’ beste vriend een leider nodig en in de ideale situatie is dat het baasje. Maria Grazia Calore, dierenarts, chirurg en expert in huisdiergedrag zal ons helpen om hier verder in te verdiepen.

De roedelleider, dictatoriaal of charismatisch?

Wurgriemen, schokriemen, isolatie of fysieke straffen, waren enkele manieren om de eigenaar / leider te helpen om de hond vanuit een enkel standpunt te trainen: de hond moet kort gehouden worden door het invoeren van strikte regels.
Onderzoeken naar dierengedrag hebben deze aanpak volledig vernietigd en bevestigen de samenwerkende natuur en de nijging tot cognitieve activiteiten van de viervoeter. Daarnaast heft de hond een sterke wil om de mens te begrijpen en met de mens te communiceren om het gedrag en de taal aan te passen. Heeft u uw hond ooit horen blaffen op een manier waarop een mens woorden zou gebruiken? Nu kunt u dit kopiërende gedrag begrijpen.

De ideale roedelleider, strategisch met authoritair

Hoe kunt u de rol van leider in de combinatie mens hond overdenken? Als eerste is het een referentiepunt, een veilige basis van waaruit niet angst maar plezier ontstaat in het delen van ervaringen en gedeelde ruimtes.
De authentieke leider dient het gedrag van de hond te sturen, de hond belonen als het initiatief toont dat leidt tot succes en de hond negeren (niet straffen) als het ongewenst gedrag toont. Net als de leider van een familie moet een leider van de roedel goed omgaan met situaties, om zo de hond een gevoel van veiligheid te geven, ook dient er altijd gepast taalgebruik te zijn. Als voorbeeld, als een hond bang is voor zijn gelijken moet het contact tussen deze niet worden geforceerd maar dient de leider eerst enthousiast en met vriendelijke tonen de anderen benaderen, vervolgens moet de hond beloond worden als deze pogingen tot benadering probeert. Deze aanpak zal altijd succes hebben als uw hond angst vertoont. De situaties worden voorspelbaar en de leider van de roedel zal een veilige basis zijn waaruit de hond de onbekende situatie kan onderzoeken.

Een goede roedelleider moet de geest zijn van de roedel. Hij moet de diversiteit van de hond herkennen in zowel taalgebruik, cognitieve vaardigheden en de manier waarop het dier de wereld ervaart. Enkel vanuit dit perspectief kan iemand zich ontplooien tot een ware menselijke roedelleider: respect voor de hond en zijn wens om een band te vormen en een authentieke relatie van samenwerking te krijgen.